De meeste kinderen die geboren worden zijn gezond, maar ongeveer 1:100 kinderen wordt geboren met een geestelijke of lichamelijke handicap.
Syndroom van Down:
Een van de meest voorkomende chromosoomafwijkingen (2,4 per 1000 geborenen) is het syndroom van Down of Trisomie 21. Bij het syndroom van Down of Trisomie 21 heeft het kindje in plaats van twee, drie chromosomen 21. Kinderen met het syndroom van Down zijn verstandelijk gehandicapt en hebben meer kans op een aantal lichamelijke aandoeningen waarvan een hartafwijking het meest voorkomt. Het syndroom van Down kan op elke leeftijd voorkomen, maar de kans op een kindje met het syndroom van Down stijgt met de leeftijd van de zwanger.
Met een andere vorm van prenatale screening, het structureel echoscopisch onderzoek (ook wel de 20-weken echo), kan worden onderzocht of het kind misschien een open ruggetje of een andere lichamelijke afwijking heeft.
Voor algemene informatie over prenatale screening op het syndroom van Down en lichamelijke afwijkingen klik hier.